• De verwijdering van fijn stof van harde vloeren

    Resultaten en conclusie

    De praktische consequenties uit de deelonderzoeken zijn:
    – Stofzuigen verwijdert nauwelijks fijn stof van harde vloeren
    – Het voorspellen van de effectiviteit van stofverwijdering is niet goed mogelijk
    – Stofwissen is efficienter en veroorzaakt minder stofopwerveling van harde vloeren dan stofzuigen doet
    – Gezond schoonmaken brengt een verlaging van de blootstelling aan bacterien en fijn stof teweeg
    Concluderend kan geconstateerd worden dat een stofzuiger met goed werkende HEPA-filter thuis hoort in een gezond schoonmaakprogramma voor tapijt, ordners, boeken en bureaustoelen. Harde vloeren daarentegen kunnen het beste worden gereinigd met een stofwisser met oliegeimpregneerde doeken of klamvochtige microvezelvlakmoppen. Bij grote oppervlakten zijn brede stofwissers aan te raden die in een laag tempo gebruikt worden. Niet alleen is dit effectiever en wervelt het minder stof op, het is ook nog eens ergonomisch meer verantwoord.

  • Stofopwerveling door stofzuigen en stofwissen van harde kantoorvloeren

    Methode

    Er zijn metingen verricht in twee bezette kantoren met een linoleum vloerbedekking. Gemeten is stofzuigen en stofwissen, maar ook de deeltjes per kubieke meter bij gewoon kantoorwerk om de metingen in een kader te plaatsen. De deeltjes per kubieke meter zijn geteld met een deeltjesteller.

    Resultaten en conclusie

    Stofzuigen van een harde vloer met een gebruikte professionele stofzuiger veroorzaakt meer stofopwerveling dan stofwissen van dezelfde vloer bij enzelfde tempo. De toename door stofzuigen kent twee belangrijke bijdragen: het rondlopen en de borstelmond. De stofopwerveling door schoonmaken met een vochtig systeem zoals stofwissen is een vijfde van die door schuiven met een droog systeem, hier stofzuigen. Stofwissen geeft wel een grotere stofpiek, onder andere vanwege het langdurig rondlopen. Langzamer stofwissen beperkt hierdoor de stofopwerveling. Geconcludeerd kan worden dat gezond schoonmaken van harde vloeren stofwissen is.

  • Metingen aan het opwervelen van fijn stof tijdens stofverwijdering bij interieurreiniging

    Resultaat

    De volgende schoonmaakmaterialen die in de praktijk ‘stofbindend’ heten zijn onderzocht:

    – Elektreetdoekjes, die op basis van statische elektriciteit deeltjes zouden vasthouden. Deze bleken niet erg effectief en wervelden veel stof op, ongeveer net zo veel als droog papier.
    – Borstels en doekjes met (respectievelijk) paraffine en olie om de deeltjes vast te houden. De borstel bleek geen haar beter dan de elektreetdoekjes, maar de oliegeïmpregneerde doekjes voldeden wel. Ze verwijderen al het fijn stof en wervelen dat nauwelijks op.
    – Klamvochtige doeken deden het bijna net zo goed als de oliegeïmpregneerde doeken. Ze verwijderden al het fijn stof, maar wervelden iets meer stof op. Het soort vezel (conventioneel of microvezel) maakte niet uit, en ook òf en hoeveel detergent werd toegevoegd had geen invloed. Toevoeging van alcohol aan het reinigingsmiddel, een beproefde methode in de cleanroomreiniging, bleek averechts te werken: er kwam juist meer stof in de lucht.
    – Lijmdoeken voldeden niet: al heel snel nemen ze niet al het stof op en blijven er strepen fijne stofdeeltjes achter.

    Naast de materialen zijn ook de werkwijzen onderzocht. Het bleek dat de druk waarmee gereinigd wordt geen invloed heeft, maar het werktempo des te meer. Hoe langzamer de reiniging, des te minder stof wervelt er op.

    Conclusie

    Harde oppervlakken in het interieur moeten met ‘vochtige’ methoden worden gereinigd om zeker te zijn dat al het fijn stof opgenomen wordt en er zo min mogelijk in de lucht komt. De beste resultaten worden bereikt met de olie-geïmpregneerde doek, maar vanwege de olie-residuen die zo’n doek achterlaat blijft het toepassingsgebied waarschijnlijk beperkt tot harde vloeren. Klamvochtige doeken (zowel microvezel als conventioneel) zijn goede alternatieven.

    Een rustig werktempo, als in cleanroomreiniging, is aan te bevelen. Omdat de druk waarmee gereinigd wordt niet uitmaakt op de effectiviteit, is het ergonomisch verantwoord te werken met brede hulpmiddelen die niet hoeven te worden aangedrukt. Zo is een hoge schoonmaakproductie te behalen die voor alle betrokkenen gezond is, lichamelijk en economisch.

    Noot van de redactie: De verschillende Fijn Stof onderzoeken van VSR zijn eind 2004 verwerkt in de derde uitgave van VSR VAKNIEUWS. Deze uitgave met als titel “Gezond Schoonmaken, een programma voor betere hygiëne van de werkplek” geeft een vertaling van de verschillende onderzoeken naar direct toepasbare handvatten voor op de werkvloer.

  • Schoonmaken beperkt de schadelijke gezondheidseffecten van fijn stof

    Resultaat

    Fijn stof bestaat uit deeltjes van ca. 1 tot 10 micrometer (0,001 tot 0,001 mm) in doorsnee. Deze deeltjes komen diep in de longen en in de ogen terecht. Fijn stof in binnenlucht bevat stoffen die irritatie en allergische reacties kunnen veroorzaken: allergenen van huisstofmijt en huisdieren (ook in kantoren gevonden); giftige stoffen die door bacteriën en schimmels worden verspreid; en oppervlakte-actieve-stoffen uit gewassen kleding. Als dit laatste in de ogen terechtkomt, draagt het bij aan het ontstaan van oogirritaties. Hoeveel een mens hiervan binnenkrijgt, bepaalt of hij daar hinder van ondervindt of ziek van wordt. De concentraties fijn stof in kantoorlucht ligt vaak boven internationale richtwaarden. Verminderen van die blootstelling aan fijn stof zal de kans op gezondheidsklachten verlagen.

    Verschillende onderzoeken tonen aan dat schoonmaken de blootstelling aan fijn stof kan verminderen. Het blijkt dat tamelijk drastische schoonmaakmaatregelen die dicht bij de kantoorwerker worden uitgevoerd effectief zijn. Dit heeft te maken met het feit dat een kantoorwerker, door zijn activiteiten, fijn stof opwervelt van harde oppervlakken en zo een wolk van fijn stof rondom zichzelf creëert. Door nu juist die oppervlakken goed te reinigen kan de wolk van fijn stof gereduceerd worden. Dit kan leiden tot een zeer drastische reductie van de gezondheidsklachten.

    Conclusie

    Beide vragen zijn positief beantwoord: Fijn stof bedreigt de gezondheid en door grondig en op de goede plaats schoon te maken kan de blootstelling worden verminderd.

  • Schoonmaken beperkt de blootstelling aan fijn stof

    Resultaat

    Het bleek dat vooral het gaan zitten op de stoel en het werken met papier invloed heeft op de stofwolk rondom mensen. Deze wolk is niet groter dan 1,5 m in diameter.

    Op drie onafhankelijke manieren is aangetoond dat gebruikelijke schoonmaakmethoden zoals klamvochtig stof afnemen en stofzuigen de concentratie fijn stof rondom kantoorwerkers kan verminderen:

    – na stofzuigen van de stoel is het effect van op de stoel gaan zitten kleiner;
    – als de oppervlakken in het kantoor schoner zijn hangt er minder stof in de lucht;
    – direct na schoonmaken daalt de concentratie fijn stof met tientallen procenten.

    Ook na een dag is er nog een effect van schoonmaken te herkennen, al is het dan kleiner. Handelingen als het legen van prullenbakken, vlekverwijderen en tippend stofzuigen hebben geen invloed op de concentratie fijn stof in de lucht.

    De metingen zijn overdag uitgevoerd. Wellicht dat bij uitvoeren buiten werktijden de effecten van schoonmaken en een ‘clean-desk’-strategie groter zijn.

    Conclusie

    Er is aangetoond dat klamvochtig stof afnemen en stofzuigen de concentratie fijn stof rondom een kantoorwerker duurzaam kan verlagen. Duidelijk is wel dat tijdens het schoonmaken ook enig stof opwervelt. Dit beperkt de effectiviteit van schoonmaken. Toekomstig onderzoek is er op gericht deze beperking zo veel mogelijk weg te nemen.

  • Stof en stofbestrijding

    Resultaat

    Stof bestaat uit vaste deeltjes van 0,01 micrometer tot 100 micrometer. De laatste jaren wordt met name veel aandacht besteed aan de gezondheidseffecten van kleine stofdeeltjes, omdat die in grote aantallen aanwezig zijn, relatief veel oppervlak hebben en diep doordringen in het ademhalingssysteem van de mens. Stof in gebouwen verslechtert de kwaliteit van het binnenmilieu, hetgeen zich uit in klachten van de bewoners.

    Niet alleen de eigenschappen van de stofdeeltjes zelf, maar ook de daaraan geadsorbeerde stoffen kunnen gezondheidsklachten veroorzaken. Ook mensen die geen allergie hebben kunnen toch last krijgen van stof als gevolg van het feit dat de moderne mens circa 85% van de tijd in panden doorbrengt.

    Veel voorkomende, stofgerelateerde klachten zijn het zich ergeren aan de aanwezigheid van stof, hinder van reflecties op bijvoorbeeld beeldschermen, dufheid, het ervaren van de ingeademde lucht als droog, en vooral gezondheidsklachten met betrekking tot de ademhalingswegen.

    Het voorkómen of verminderen van stofgerelateerde klachten richt zich vaak op bouwtechnische aspecten van gebouwen. Een belangrijke bron van fijn stof is echter de mens zelf; die bron kan niet worden weggenomen. Schoonmaakonderhoud is en blijft dus een belangrijk onderdeel van gebouwbeheer dat gericht is op een gezond binnenmilieu.

    Conclusie

    Het literatuuronderzoek heeft aangetoond dat er een relatie is tussen gezondheidsklachten van de bewoners en de kwaliteit van het binnenmilieu in kantoorgebouwen. De klachten worden vaak veroorzaakt door een samenspel van oorzaken, waarvan stof er een kan zijn.